Tussen 16 juni en 16 juli 2023 was de eerste participatieronde voor het duurzaam mobiliteitsplan. We hebben hiervan een samenvatting gemaakt, waarin is beschreven wie er meededen en wat er is ingebracht.
Hoe hebben Arnhemmers kunnen meedenken?
Voor de eerste participatieronde hebben we inwoners, ondernemers en organisaties uit de (winkel)centra, belangengroepen en de organisaties op de werk- en leerlocaties in Arnhem actief benaderd.
Daarvoor is een campagne opgestart via de maillijsten van de gemeente, persberichten, artikelen in de Arnhemse Koerier en de sociale media van de gemeente Arnhem. Er is ook een speciale pagina ingericht op de gemeentelijke website. het doel hiervan was om inwoners te informeren over het nieuwe mobiliteitsplan en te activeren om mee te doen aan de participatie.
Hieronder staat een overzicht van de activiteiten waaraan Arnhemmers konden deelnemen.
- De kick-off was een online uitzending van 1,5 uur waarin de doelen van het Mobiliteitsplan, de uitgangspunten en het participatieproces werden toegelicht door de wethouder en de projectleider.
- De sociale media campagne vond plaats via de sociale media van de gemeente Arnhem (Facebook, Instagram, LinkedIn), en bestond uit organische posts en advertenties die gericht waren op 3 verschillende wijktypen (centrum, schilwijken rondom het centrum en de wijken meer aan de rand van de stad).
- De online vragenlijst bestond uit 17 vragen. We vroegen naar de beoordeling van mobiliteitsthema’s (zoals: welk cijfer geeft u de verkeersveiligheid in uw wijk) en naar het belang van deze thema’s (hoe belangrijk vindt u de verkeersveiligheid in uw wijk). Ook hierin is onderscheid gemaakt naar de wijktypen.
- Voor de focusgroepen zijn Arnhemmers uit de 3 wijktypen benaderd door onderzoeksbureau I&O research voor een dieptegesprek. De groepen werden zo representatief mogelijk samengesteld.
- Voor de 3 expertsessies zijn via een directe mail vertegenwoordigers van Arnhemse (belangen)organisaties uitgenodigd. Er was een sessie over de (winkel)centra, over werk- en leerlocaties en over toegankelijkheid.
- Bij de wijkactiviteit is het mobiliteitsteam met een historische Trolleybus in de 3 wijktypen gaan staan, om het gesprek aan te knopen met Arnhemmers.
Activiteit | Wanneer | Bereik |
---|---|---|
Digitale kick-off | 26 juni | 30 live kijkers, 233 keer aangeklikt |
Social mediacampagne | 26 juni-10 juli | 89874 mensen, 3019 kliks, 428 opmerkingen |
Online vragenlijst | 26 juni-16 juli | 895 deelnemers |
Wijkactiviteit | 28 juni | 120 gesprekken, Centrum, Malburgen, Schuytgraaf |
Expertsessies | 5, 10 en 12 juli | 20 deelnemers |
Focusgroepen | 12, 13 en 14 juli | 36 deelnemers in 3 sessies, wijktype A, B en C |
Wat vinden Arnhemmers van mobiliteit in Arnhem?
Wat zien Arnhemmers als de belangrijkste onderwerpen en knelpunten in de mobiliteit in Arnhem? We geven hier de hoofdlijnen weer van de inbreng uit de online enquête, de focusgroepen en de gesprekken in de wijk.
Resultaten van de online enquête
Aan de online enquête deden 895 Arnhemmers mee. Ze werden gevraagd de onderwerpen te beoordelen met een cijfer. Dit kon op een schaal van 1 op 10.
De belangrijkste onderwerpen voor Arnhemmers zijn:
- leefbaarheid in de wijk (9,1)
- verkeersveiligheid in de wijk (8,8)
- het fietsnetwerk in de stad (8,6)
- het goed kunnen stallen van de fiets in de wijk (8,6).
- Het hoogst beoordeeld worden:
- de mogelijkheid om fietsen te parkeren dicht bij de woning (8,0)
- de bereikbaarheid van de binnenstad met het ov (7,8)
- de ruimte voor voetgangers in de binnenstad (7,4).
Het laagst beoordeeld worden:
- het autonetwerk van de stad (5,8)
- de P&R voorzieningen (5,4)
- de mogelijkheden voor deelmobiliteit (4,9).
Uit de verschillen tussen het belang van een onderwerp en de beoordeling kunnen we afleiden waar voor de respondenten de prioriteit in de aanpak moet liggen.
De grootste verschillen zijn:
- verkeersveiligheid (belang 8,8 en beoordeling 6,0)
- oversteekbaarheid centrumring (belang 8,4 en beoordeling 6,0)
- leefbaarheid in de wijk (belang 9,1 en beoordeling 7,1).
De inwoners van het centrum beoordelen het fietsparkeren en het parkeren in de wijk lager dan de inwoners van de omliggende wijken.
Deelmobiliteit wordt in het centrum en de buitenwijken anders beoordeeld (een 5,7 om een 4,0). Bewoners van de buitenwijken vinden het autonetwerk van Arnhem (nog) belangrijker dan de inwoners van de rest van de stad.
De oversteekbaarheid van de centrumring wordt door bewoners van het centrum iets meer als een probleem beoordeeld dan door mensen in de buitenwijken.
Verkeersveiligheid is ook in de opmerkingen bij de enquête een belangrijk thema. Inwoners ervaren dat veel automobilisten te hard rijden, en dat handhaving ontbreekt.
Bij leefbaarheid in de wijken worden veel opmerkingen gemaakt over parkeerproblemen en de snelheid van het verkeer.
Resultaten Focusgroepen en gesprekken in de wijk
De rol van de auto
Arnhemmers zien in het autonetwerk een groot struikelblok van de Arnhemse mobiliteit. De strekking: het verkeerssysteem in de stad is kwetsbaar met al het verkeer dat de Rijn over moet. Als er iets op de A12 uitvalt is er enorm veel sluipverkeer. Er hoeft maar één ding te gebeuren en dan stroomt het vol. De bruggen horen volgens de Arnhemmers bij de stad, maar die hebben samen met de centrumring ook een negatieve impact op de doorstroming van autoverkeer, met name tijdens de spits en bij calamiteiten. Arnhemmers in Noord ervaren dat de auto dominant is op straat. Dat uit zich onder meer in onveiligheid en ruimtegebrek voor fiets en voetganger. Verschillende mensen geven aan dat er rondom scholen overlast is van auto’s. Veel ouders komen hun kinderen met de auto naar school brengen, wat zorgt voor parkeeroverlast en onveilige situaties voor de voetgangers en fietsers.
Andere knelpunten zijn onder meer hardrijders op de centrumring, groot vrachtverkeer in het centrum en overlast van wijkvreemde parkeerders.
Mensen geven ook aan dat veel zaken op mobiliteitsgebied goed geregeld zijn, en dat Arnhem autovriendelijk is: je kunt buiten de spits overal snel komen.
Openbaar vervoer
Qua openbaar vervoer is men trots op de duurzame, iconische trolleybus. Men is tevreden over de vele treinstations en de busverbindingen, al nemen de dekking en frequenties daarvan af richting de buitenwijken. Bewoners uit het centrum en de wijken daaromheen kennen veel busverbindingen in de stad. Terwijl juist de bewoners uit de buitenwijken merken dat de dekking en de frequentie van het busvervoer is afgenomen. Ook ervaren zij dat de bus altijd via de binnenstad rijdt (om bijvoorbeeld naar een andere wijk of het ziekenhuis te komen). Daarnaast wordt er genoemd dat het openbaar vervoer duur is. Zeker als je met meerdere mensen uit het gezin moet. Bij de gesprekken in de wijk werd vaker genoemd dat de kwaliteit van het ov is afgenomen.
Welke kansen en aandachtspunten zien Arnhemmers?
Wat zien Arnhemmers als kansen en aandachtspunten bij de aanpak van mobiliteit? We geven hier de hoofdlijnen uit de focusgroepen, de gesprekken op straat en de expertsessies.
Deelnemers aan de focusgroepen staan positief tegenover het verduurzamen van mobiliteit. Ze denken daarbij vooral aan het uitbreiden van de autoluwe binnenstad, meer inzetten op elektrische vervoermiddelen en een betere doorstroming op de centrumring door een groene golf en lagere maximumsnelheden. In de expertsessies wordt aandacht gevraagd voor de oversteekbaarheid van centrumring en een goede verkeersafwikkeling om de stad heen. Ook om sluipverkeer door de stad te voorkomen.
Er is ook een belangrijke rol weggelegd voor grote werkgevers als Rijnstate en instellingen als de HAN, zij kunnen werknemers en studenten stimuleren om de auto te laten staan. Werk goed met deze organisaties samen is het advies.
Ruimte voor de voetganger, fiets en ov, lagere snelheden
Arnhemmers in de focusgroepen ondersteunen het plan om meer ruimte te geven aan de voetganger, fiets en ov, en het autogebruik te verminderen. Dat zou kunnen door het aanleggen van bredere fietspaden en trottoirs, met name in de oudere wijken zoals in Arnhem-Noord. Idealiter worden dit dan fietsstraten waarop de auto slechts te gast is. Daarnaast denken de Arnhemmers aan meer (gratis) bewaakte en overdekte fietsstallingen in de stad, zoals bijvoorbeeld bij Rozet.
In de expertsessies wordt genoemd dat met name in de woonwijken en voor korte afstanden vaker de fiets meer ruimte moet krijgen. Het belang van fietsenstallingen wordt benadrukt. Aandacht vraagt de snelheid van fietsers (e-bikes) ten opzichte van voetgangers. In de expertsessies is verder benoemd dat hogere frequentie en toegankelijkheid van bussen wel eens belangrijker kon zijn dan de snelheid waarmee de bussen rijden.
Bij het verlagen van maximumsnelheden wijzen mensen zowel in de focusgroepen, de gesprekken op straat als in de expertsessies op het belang van handhaving en gedragsverandering. Men is sceptisch of dit wel lukt.
Parkeren en hubs
Arnhemmers in de focusgroepen zien kansen voor parkeerregulering door met name wijkvreemde parkeerders en (dubbel) autobezit te ontmoedigen. De gemeente zou kunnen kijken naar het vergunnings-en tarievenstelsel met onderscheid tussen een of meerdere auto’s, forenzen, bezoekers en toeristen. In het slim verstrekken van vergunningen ziet men potentie. Bijvoorbeeld een vergunning voor het parkeren van één auto voor de deur en een tweede verder op afstand. Parkeerregulering ziet men uiteindelijk wel als symptoombestrijding: het terugdringen van het aantal auto’s moet het doel zijn. Men vreest een waterbedeffect bij het uitbreiden van het gebied voor betaald parkeren.
Ook nieuwe en betere transferia en carpoolplekken worden genoemd, net als kleinere en schonere pakketbezorging. Dat kwam ook aanbod in de expertsessies. Met stelt dat de bestaande parkeerplekken in de stad efficiënter kunnen worden benut. Verder wordt aandacht gevraagd voor goed P&R beleid om de stad heen, en de mogelijkheid om te variëren in parkeernormen bij de werkgebieden. Inzetten op hubs is belangrijk, zowel voor personen, goederen als voor bouwlogistiek.
Rekening houden met specifieke groepen
Zowel in de focusgroepen als de gesprekken op straat gaven mensen aan dat bij maatregelen voor mobiliteit rekening moet worden gehouden met mensen die geen auto hebben, en met mensen die juist afhankelijk zijn van de auto – bijvoorbeeld ouderen of mensen met een beperking. Maar het geldt ook voor reisbewegingen waar geen goed alternatief is voor de auto.
Meer informatie
Voor meer informatie, of het ontvangen van de verslagen of rapportages van de participatie, kunt u contact opnemen via mobiliteit@arnhem.nl.